Grondrechten en ethische principes botsen steeds vaker, lijkt het wel. Nu weer rond de vraag of de godsdienstvrijheid al dan niet zwaarder moet wegen dan de verplichting zo humaan mogelijk om te gaan met de dieren die we willen eten. De gemoederen lopen hoog op. Vanmiddag nog hoorde ik Esmé Wiegman van de ChristenUnie op nogal overspannen toon een vergelijking trekken met het Derde Rijk. Alsof het verzet van een meerderheid van de partijen in het parlement specifiek het inperken van religieuze vrijheden betreft.
Dat is het natuurlijk niet. Het inperken van deze bepaalde vorm van religieuze vrijheid is een neveneffect van het verlichte streven de dieren die we verkiezen op te eten zo min mogelijk te laten lijden. Wat mij betreft (en nee, ik ben geen jood of moslim dus ik heb natuurlijk makkelijk praten) lijdt het geen enkele twijfel welke van de twee voorrang zou moeten krijgen.
Geen enkele vrijheid is absoluut, zelfs geen grondwettelijke. Vrijheden botsen en waar dat gebeurt zijn compromissen nodig. Compromissen die ook nog eens in beweging blijven doordat wetenschappelijke inzichten en technische mogelijkheden evolueren.
Dat is niet makkelijk. Maar om nu mensen die er oprecht naar streven dieren niet nodeloos te laten lijden de facto voor nazi uit te maken, zoals mevrouw Wiegers vandaag deed, ja, dat gaat mij in elk geval ettelijke bruggen te ver.
Tidak ada komentar:
Posting Komentar